Adama’s visie op Phytophthora bestrijding

In onderstaand artikel worden een paar vragen gesteld aan collega Olaf van Campen, Crop Manager Aardappelen. Hij gaat in op de actuele situatie omtrent de aanpak van de belangrijkste aardappelziekte in Nederland. 7/6/2016

Waarom is de bestrijding van Phytophthora infestans zo belangrijk voor een aardappelteler?

De aardappelziekte, veroorzaakt door Phytophthora infestans, is van oudsher de belangrijkste schimmelziekte in aardappelen en veroorzaakt jaarlijks wereldwijd ongeveer 10 miljard euro schade. De schimmel tast zowel bovengrondse (bladeren en stengels) als ondergrondse delen (knollen) van de aardappelplant aan. Een onbeschermd aardappelgewas kan binnen twee weken volledig vernietigd worden. Door de inzet van diverse fungiciden, kan een uitbraak van phytophthora infestans voorkomen worden.

Is resistentie management belangrijk bij phytophthora bestrijding?

De laatste jaren heeft de phyophthora schimmel (eigenlijk is het een oomyceet) een aantal ontwikkelingen doorgemaakt. Sinds de jaren ’80 weten we dat de schimmelziekte zich ook geslachtelijk kan voortplanten (naast de ongeslachtelijke voortplanting). Bovendien duiken er de laatste jaren verschillende phytophthora stammen op in Europa.
Bekend zijn; Blue13, Green33 en Pink6. Om te voorkomen dat de phytophthora zich gaat aanpassen aan fungiciden, is het belangrijk om fungiciden af te wisselen. Daarnaast is het aan te raden, om fungiciden met verschillende werkingsmechanismen (Mode of Actions) samen toe te passen.

Hoe beschermt een teler zijn aardappel gewas?

Gelukkig hebben we in Nederland veel moglijkheden om ons gewas te beschermen. Dat was een aantal jaren geleden heel anders. We moeten zorgen dat we het huidige middelenpakket in de benen houden en ieder middel benutten om een sluitende strategie te waarborgen. Een teler maakt bewust een keuze voor een bepaalde strategie. Een strategie voor pootgoed kan bijvoorbeeld anders zijn als voor consumptie- of zetmeelaardappelen. Pootgoed is een relatief korte teelt en er wordt veelvuldig olie ingezet om virusoverbrenging tegen te gaan. Vaak worden er ook middelen gekozen met nevenwerkingen tegen bijvoorbeeld Alternaria of Sclerotinia.

Waarom kiest een teler voor Banjo Forte?

Banjo Forte bevat twee werkzame stoffen met twee verschillende werkingsmechanismen. Één daarvan in fluazinam. De werkwijze is preventief en antisporulerend. Dat betekent dat een tijdige inzet noodzakelijk is voor een optimale effectiviteit. Fluazinam is erg sterk op de phytophthorastam Blue13 en die komt het meeste voor in Nederland en Belgie. Dat blijkt ook uit de meest recente monitoringsgevens van EuroBlight (www.euroblight.net).

De tweede werkzame stof in Banjo Forte is dimethomorph. Dimethomorph werkt vooral locaal systemisch. Dat betekent dat deze actieve stof zich in de plant herverdeelt en dus ook de nieuwe groei van de plant beschermt. Banjo Forte is een vloeibare formulering die zeer snel regenvast is, dus makkelijk in gebruik. Het is een betaalbare oplossing die al jaren in heel Europa naar volle tevredenheid wordt ingezet.

Waar moet een teler de komende periode op letten?

We zien momenteel veel verschillen tussen de gewassen en regio’s. In het zuiden is er veel wateroverlast, terwijl er in het noorden juist weinig water is gevallen. Daarmee is de ziektedruk ook verschillend. Echter is er al vroeg phytophthora geconstateerd (op afvalhopen en opslagplanten). Dat betekent dat een teler zijn gewas wekelijks moet beschermen. Indien de druk extra hoog is, kan er altijd een curatieve component aan de phyophthora bestrijding worden toegevoegd, zoals bijvoorbeeld cymoxanil.

Phytophthora bestrijding
Phytophthora bestrijding wateroverlast